In onze 'Michelin'-gids over Kroatië staat vanuit de Plitvice Meren een autoroute beschreven naar het stadje Ogulin. Deze route wilden we wel rijden, al had Ine toch wat vraagtekens bij wat de reisgids bedoelde met "de weg wordt bijzonder smal en daalt in haarspeldbochten af door het woud. Het gebrek aan bermen en de aanwezigheid van een afgrond maken het passeren van tegenliggers vrij hachelijk"... maar dat bleek zwaar overdreven te zijn! Ine is wel al wat meer gewoon dan dit/dat!
Maar enfin, de route bracht ons langs veel groen, heuvels en ook door verschillende dorpjes. Deze dorpjes waren ofwel gloednieuw, ofwel waren ze verlaten en stonden er nog (resten van) beschoten huizen van tijdens de voorbije oorlog... nog maar 16 jaar geleden. Kroaten verschillen blijkbaar veel van andere Zuid-Europeanen: Waar in Zuid-Frankrijk, Spanje, Italië en Portugal alles nogal blijft liggen en verkommert, is men in Kroatië druk bezig met alles te herstellen en te heropbouwen...
In Ogulin liepen we door het kleine stadscentrum, waar we kasteel Frankopan zagen, de kloof van Đula (mét het hoofd van Milan in de rotsen) bekeken, over het dorpsplein slenterden, de bijna-droge Dobra (door de waterkrachtcentrales in de buurt) zagen en iets dronken op een terrasje.
Van hieruit reden we een stuk langs de grote berg 'Klek'. Eén van de legendes zegt dat het een slapende reus is die versteende...
Na wat te eten, reden we weer verder... opnieuw door prachtige en erg groene heuvels over de ene nog bochtigere weg dan de andere!
De laatste plek die we bezochten tijdens onze vierde dag in Kroatië was het kuststadje Senj. De moderne kant van Senj gunden we geen blik, we hadden enkel oog voor het oude stadsdeel.
Na een mooie rit terug naar onze B&B aten we ons laatste Kroatisch avondmaal... En zo zat ons vakantietje er weer bijna op...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten