We startten ons stadsbezoek bij het monument "de kroniek van Georgië" (foto 1), aan de "Zee van Tbilisi", wat een meer is. De bouw van het monument duurde erg lang. Het startte in 1985, in volle Sovjettijd, vandaar de 'looks', maar om de taferelen aan te brengen wachtten ze tot na die periode. Het zijn namelijk in hoofdzakelijk religieuze taferelen, die de "geschiedenis van Georgië" in verschillende tijdperken uitbeelden... en religieuze zaken mochten niet in de Sovjetunie. Het hele monument is nog steeds niet helemaal klaar en moet ondertussen hier-en-daar weer gerestaureerd gaan worden.
Op de heuvel waar de kroniek staat, hadden we een goed zicht op de stad: het oude gedeelte, het 'nieuwe' gedeelte en de buitenwijken, het gedeelte met de Sovjetblokken.
Alvorens terug naar het centrum van Tbilisi te rijden, bezochten we de Sameba- of heilige Drievuldigheidskathedraal van Tbilisi (foto 2). Deze Georgisch-Orthodoxe kerk is vrij nieuw. Het is het grootste religieuze gebouw van Georgië. De bovenste koepel heeft een met bladgoud belegd dak. Hierdoor valt de kerk al van ver op.Na die grote kerk reden we naar het oude stadscentrum. Hier stopten we eerst bij de zogename "droge brug". In de buurt van een brug waaronder geen water meer stroomt omdat de rivier verlegd werd, is er constant een vlooien- en kunstmarkt. We liepen snel over de best grote markt. Eigenlijk was er niks bijzonders te zien.
Nadien reden we nog tot in het hart van Oud-Tbilisi, waar we parkeerden. We namen de kabelbaan tot aan het Narikala-fort (foto 3) op de Sololakiheuvel. Het fort zelf bezochten we niet. We wandelden, boven op die heuvel, wel naar Kartlis Deda, ook "de moeder van Georgië" genoemd. Dit immense aluminium beeld werd in 1958 ter ere van het 1.500-jarige betsaan van Tbilisi geplaatst.
Nadien wandelden we de heuvel naar beneden en kwamen we, onderaan de heuvel, bij de sulfurbaden (foto 3). Vroeger was het één geheel maar ondertussen worden de sulfurbaden door verschillende bedrijfjes uitgebaat... en is niet echt duidelijk waar al die ingangen liggen tussen die typische koepels van 'romeinse baden'. Eigenlijk waren we van plan om, op een 'vrij' moment in Tbilisi deze baden te gaan bezoeken en te gaan badderen: ah ja! zwavelbaden! maar uiteindelijk is het er niet van gekomen omdat we er gewoon de tijd niet voor hadden. daarnaast moest je, vanwege drukte, sowieso reserveren en konden we niet op voorhand aangeven wat ons zou passen.
Nadat we, in de buurt van die baden, een watervalletje bezochten, gingen we lunchen... en dat was weer erg lekker!
We wandelden vervolgens nog langs verschillende oude gebouwen en door smalle straatjes van oud-Tbilisi tot aan het Vrijheidsplein. Van daaruit wandelden we een heel eind langs de Roestavelilaan. Deze brede baan wordt gezien als de 'hoofdstraat' van Tbilisi en een groot aantal van de overheids-, openbare, culturele en zakelijke gebouwen liggen langs of bij deze laan. Er liggen ook heel wat winkels langs... van dezelfde merken als bij ons... ook in Tbilisi draagt de jeugd dus hetzelfde als ze in heel Europa doen... maar shoppen gingen we zeker niet in Tbilisi! Vele van de gebouwen op die Roestavelilaan zijn groots en historisch. We zagen ook een gebouw dat met wijn in plaats van water in de mortel opgetrokken werd: tja, als water schaars is en de druivenoogst is zodanig goed... maar misschien is het een verzinsel van onze chauffeur/gids...Om snel weer terug aan het Vrijheidsplein (en dicht bij ons hotel) te geraken, namen we de metro... en aangezien we pas daarvoor nog in Londen wareg geweest, konden we het verschil goed voelen: zowel de roltrappen als de metrotoestellen gingen veel sneller dan die in Londen... wat ons toen ook al duidelijk was geworden was dat het voor Georgiërs vooruit moest gaan.
Die avond hadden we ons "welkomstdiner" in een restaurant met muziek en dans... niet echt een locatie waar we zelf voor gekozen hebben, maar enfin, die dansen hebben we dan ook weer gezien. Het restaurant werd bezocht door toeristen maar ook door feestende Georgiërs. We konden hen dus ook in het oog houden... en de mannen de ene toast na de andere zien doen... en zónde van ál dat eten dat blijft liggen doordat er gewoonweg véél te grote porties gebracht worden... Het wordt echter als gastvrijheid gezien... en niet als verspilling...
en George, onze chauffeur/gids, die zagen we zo goed als niet die avond: hij was ofwel gaan bellen, zat bij anderen (dames) aan tafel of was show aan het verkopen op de dansvloer. Als hij wel aan tafel zat, zat hij op zijn telefoon te tokkelen... echt een gezellige kerel... Nu ja, de muziek stond ook zo luid dat we, als hij er al zou zijn geweest, toch niet zouden horen...



Geen opmerkingen:
Een reactie posten