We stonden weer goed vroeg op... en dat is op IJsland sowieso geen probleem aangezien het er twee uur vroeger is dan thuis... opstaan om half 7 is eigenlijk nog maar om half 9 ;-)
Ons eerste bezoek van de dag was aan waterval Stjórnarfoss. Dit is, zeker in vergelijking met de vorige watervallen die we zagen, een kleine waterval. Ze bestaat uit twee delen... niet erg bijzonder, maar toch de moeite om even naar te gaan kijken.Aan de Fjaðrárgljúfur (foto 1) stond al redelijk veel volk geparkeerd. Het is ook een heel vaak gefotografeerde kloof... Hij is mooi, maar zeker niet waaauw, vinden wij... maar als je dan toch in de buurt bent ;-)
Tegenwoordig loopt er een ranger op en neer over het wandelpad. Deze plek moest immers al enkele keren gesloten worden omdat het mos en gras vernield was omdat toeristen zich niet aan de aanwezige paden hield... triestige toeristen! als zíj́ maar de perfecte foto hebben, wat na hun gebeurt, boeit hen niet...
Met het achter ons laten van de Fjaðrárgljúfur lieten we ook de Vatnajökull achter ons en kregen we de Mýrdalsjökull in zicht. We vonden zelfs een mooi picnicplekje met zicht op die gletsjer... en gelukkig schatten we het weer goed in en bleven we in de auto zitten om te eten, want er brak me daar plots een hagel- en regenbui uit!
Er zijn tegenwoordig veel toeristen op het bekende zwarte strand, Reynisfjara (foto 2). De zee is er wild en onvoorspelbaar, maar dat houdt de toeristen niet tegen om vlak tot aan het water te gaan om foto's te maken: velen worden overspoeld door een golf... regelmatig verdrinkt er al eens iemand... borden om dat duidelijk te maken, helpen blijkbaar niet, dus gaan ze nu proberen mensen te waarschuwen voor het reële gevaar van de golven met oranje knipperlichten... wedden dat dat ook niet helpt?
Het is natuurlijk ook wel niet zo maar een zwart strand! Voor de kust staat "Reynisdrangar". Dit zijn grote basalten rotsen van zo'n 66 meter hoog. Het verhaal is dat dit twee trollen zijn die hun schip aan het binnenhalen waren. doordat ze te laat terug waren van hun tocht zijn ze versteend door het zonlicht... want daar kunnen trollen niet tegen, hè.
De berg Reynisfjall komt tot op het strand. Hij is 340 m hoog. Op het strand is de berg één en al basaltkolom. Dit gedeelte wordt Hálsanefshellir genoemd. De basaltkolommen zijn hier niet zwart, maar lichtgrijs. Dat komt doordat de kolommen aangetast zijn door het zeezout.
Het is echt erg mooi daar, maar toch bleven we er maar héél kort: er waren gewoonweg te veel toeristen (zie foto 2). Van op het strand het binnenland in kijkend, waren zowel de Mýrdalsjökull als de Eyjafjallajökull goed te zien. De eerste is de grootste van de twee (596 km² vs. 78 km²). De Mýrdalsjökull is 1493 meter op de hoogste plaats. De actieve vulkaan Katla ligt onder die gletsjer. De Eyjafjallajökull is het hoogst met 1651 meter op z'n hoogste punt.
Ongeveer tussen die twee gletsjers ligt het dorp Skógar, waar waterval Skógafoss (foto 3) ligt. De waterval is 60 meter hoog en 25 meter breed. Achter de waterval staat een kist met goud die tot nogtoe nog niemand heeft weten te pakken.
Zowel in 2007 als in 2016 regende het ongelooflijk had toen we voor deze waterval stonden. Nu was het fris, maar droog... ideaal dus om de 464 treden eens naar het platform bovenaan de waterval te nemen: We wisten dat er eigenlijk niks te zien was, maar wilden dat toch eens doen.
Buiten Skógar vind je nog veel resten van boerderijtjes, schuurtjes en huisjes die in en tegen de rotsen gebouwd werden. Op die manier hadden de oude IJslanders een natuurlijke beschutting tegen wind, regen en andere weerelementen... en natuurlijk waren dat gebouwen met een dak en/of muren van turf.
Alvorens we naar ons hostel reden, reden we nog naar Haukadalur, waar de Strokkur ligt. Als we dan toch nog wat tijd hadden, vonden we dat we deze dan tóch moetsen doen... Het was een serieuze omweg, maar Strokkur verveelt nooit! Als had hij toch kuren... of wat hij wat ziekjes... Hij spoot iedere serie die we zagen maar heel flauwtjes...
Tegen half 7 kwamen we aan bij Bakki Hostel & Apartments in Eyrarbakki in ZW-IJsland. We kregen er een 'apartment' met eigen badkamer en keuken... enkel, die keuken had geen kookvuur... maar wél een magnetron... oei... dat werd googlen...
en ja hoor, Johan slaagde erin om een lekkere maaltijd te maken IN de magnetron! We aten wortelen, spek en puree (die laatste uit een pakje)... en dat allemaal zonder boter klaargemaakt... én lekker!
Wat overigens leuk was aan dit 'apartment' was dat deze gemaakt werden van/in een voormalig visverwerkingsbedrijf.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten